18. De grote boze mensen wereld.

“It’s hard to be a diamond in a rhinestone world.”

Over een paar dagen is het zover, dan mag ik naar huis. Ondanks dat ik er veel zin in heb, ben ik bang om terug te gaan naar ‘die grote boze mensen wereld’. Ik moet weg uit mijn vertrouwde omgeving, waar het oke is, dat ik raar loop en praat. Ik word hier gezien als ‘normaal.’

Tegenwoordig moet alles snel, snel, dat er geen rekening meer wordt gehouden met de medemens. Ik geef toe, zo was ik ook. En zo is iedereen, je wordt er in mee gesleurd. Maar kan ik dat nu wel bijbenen? En zo niet, wat voor commentaar ga ik krijgen?

Ja, ik loop maar mijn balans is nog slecht. Dit betekent dat ik niet tegen een tikje kan. Als je met een kruk of stok loopt, letten mensen op je, maar nu zien ze je niet staan. In de weekenden ga ik zoveel mogelijk de druktes in, om deze angsten te overwinnen.

Hoe zal het dadelijk gaan als ik met de bus ga reizen? Ik moet een gehandicapten zitplaats, de buschauffeur moet niet gaan rijden als ik nog sta. Ze gaan het raar vinden als er zo’n jonge meid op een gehandicaptenplaats zit. Ik ga blikken en gefluister krijgen.

Ik weet dat ik mij niet moet druk maken om dingen die er nog niet zijn, maar ik ken de wereld. Ik ken de jongeren van tegenwoordig (wow,wat voel ik me oud wijf als ik dat zeg).

Soms wil je gewoon dat je een spandoek boven je hoofd hebt hangen met: ik heb 3 herseninfarcten gehad. Om de vieze blikken,gefluister en commentaar de voorkomen. Als iedereen toch eens wist wat ik al heb overwonnen. En waarom ik raar loop.

Ik ben een mens met gevoel. En natuurlijk, ik was vroeger ook niet altijd netjes. Maar laten we asjeblieft eens wat aardiger zijn voor de ander. Je weet niet wat ze achter de rug hebben.

In Adelante ga ik weg als de beste, maar ga de wereld in als de ‘slechtste’.

“This world would be a whole lot better if we just made an effort to be less horrible to one another.”